Paul Verheijen

HILDEGARD VAN BINGEN

Sibille van de Rijn

Waarnemen met je ziel

Vermoedelijk in 1098 werd Hildegard als tiende kind van adellijke ouders in Bermersheim aan de Rijn in Duitsland geboren en aan God toegewijd.
Hildegards moeder merkte al vroeg dat haar jongste dochter over bijzondere gaven beschikte, al had het kind dit zelf niet in de gaten.
Zo was ze als vijfjarige eens op bezoek op de boerderij van haar oom.
Toen ze een grote drachtige koe zag, deed ze uitspraken over het nog ongeboren kalfje, die bij de geboorte drie dagen later precies bleken te kloppen.
Door deze gaven - maar meer waarschijnlijk door gebrek aan voedsel in dit grote gezin - werd Hildegard al op achtjarige leeftijd toevertrouwd aan de zorg van Jutta van Spanheim die in de schaduw van een benedictijnerabdij op de Disibodenberg in een kluis woonde.
Het is van Hildegard bekend dat zij dit van de wereld afgesloten leven met vreugde beleefde.
Na het overlijden van Jutta in 1136 werd Hildegard er tot abdis gekozen.
Weldra verbreidde zich haar faam over het gehele land en vele jonge vrouwen traden in haar klooster in.

Van jongs af aan kreeg ze vele visioenen terwijl vijf rode vlammen uit haar hoofd kwamen.
Deze visoenen werden door de monnik Volmarus jarenlang genoteerd aan de hand van afbeeldingen die Hildegard in wastabletten aanbracht (zie afbeelding).
Over deze gave schreef ze op hoge leeftijd:
Ik zie deze dingen niet met de uiterlijke ogen en hoor ze niet met de uiterlijke oren; ik zie ze veel meer alleen in mijn ziel, met open levendige ogen, zodat ik nooit in de bewusteloosheid van een extase verval, maar wakend schouw bij dag en bij nacht.

Geschriften

Na aarzeling kwam zij ertoe tussen 1141 en 1151 haar visioenen neer te schrijven en te duiden in haar bekendste geschrift Liber scivias.
De naam is afgeleid van sci vias domini, 'ken de wegen des Heren'.
Het origineel is sinds de Tweede Wereldoorlog spoorloos verdwenen.
Later hernam ze alles nog eens in het Liber divinorum operum (Over de werken Gods; 1163-73).
Daarnaast schreef deze profetissa teutonica, 'Duitse profetes' ook wel als 'sibille van de Rijn' aangeduid, met gezag over ethische, medische en natuurwetenschappelijke onderwerpen, dichtte en componeerde ze liederen en mysteriespelen en correspondeerde ze in meer dan 300 brieven met pausen, bisschoppen en vorsten.
Ze stelde een eigen taal samen, zijnde een mix van Duits en Latijn, en werd daardoor onder andere patrones van esperantisten.
Waar het nodig was keerde zij zich in preken tegen misstanden.
Hildegard bemoeide zich in haar kloosters en daarbuiten overal mee, ondanks haar labiele gezondheid.
In Causae et Curae (Oorzaken en Werkingen) schreef ze over het ontstaan en de genezing van zeer vele uiteenlopende ziektes.
Door haar medische en natuurwetenschappelijke werken werd ze ook wel de eerste schrijvende Duitse arts genoemd.

Miniaturen

De miniaturen in het Liber Scivias dragen naast traditionele, vooral ook heel eigen en oorspronkelijke iconografische kenmerken en wemelen van vondsten in onderwerp en kleur.
Ik zie een licht, dat niet aan de ruimte gebonden is. Het is veel lichter dan een wolk, die de zon in zich draagt en ik kan er geen hoogte of lengte of breedte in onderscheiden. Dit licht wordt mij gezegd de schaduw van het levende licht te zijn.

Officieel heilig

Hildegard stierf op 17 september 1179.
Op dat moment zag men twee lichtbogen boven het klooster verschijnen die elkaar kruisten, langzaam wegvloeiend in de vier windrichtingen.
Dit wonder werd vanzelfsprekend symbolisch opgevat.
Al tijdens haar leven werd ze door iedereen in Duitsland als heilig beschouwd, maar pas tijdens de Tweede Wereldoorlog voerde paus Pius XII haar feest in voor heel Duitsland.
Op 10 mei 2012 verklaarde paus Benedictus XVI haar officieel heilig voor de gehele kerk.
Enkele maanden later deed deze Duitse paus daar nog een schepje bovenop door Hildegard uit te roepen tot kerklerares.

Speelfilm

In 2020 kwam de Nederlandse (Twentse) speelfilm De Beentjes van Sint-Hildegard uit.
Arend, de schoonvader van hoofdpersoon Jan, gaat daarin stiekem op bedevaart naar Eibingen, maar sterft onderweg.
Jan (gespeeld door Herman Finkers) wil deze reis voltooien ter nagedachtenis aan zijn schoonvader.

De relieken van Hildegard bevinden zich in Eibingen in de tegenwoordige parochiekerk St. Hildegard und St. Johannes der Täufer in een gouden schrijn (vervaardigd in 1929) in het hoofdschip van de voormalige abdijkerk.
Anoniem (circa 1141-51)
Liber Scivias (circa 1141-51)
Frontispiece & twee miniaturen
Rupertsberger Codex