Paul Verheijen

RUBENS

Kruisiging

Ontdekking

In september 2024 werd Christus aan het kruis per toeval teruggevonden in een herenhuis in Parijs en na wetenschappelijk onderzoek toegeschreven aan Peter Paul Rubens. Lange tijd was van het schilderij alleen een kopie bekend. Uiteindelijk is het kunstwerk, dat in goede staat is, aan Rubens toegeschreven door de Duitse kunsthistoricus Nils Büttner (1967). Hij is voorzitter van het Rubenianum, een kenniscentrum in Antwerpen dat zich bezighoudt met 16de- en 17de-eeuwse kunst uit de Nederlanden. De toeschrijving gebeurde na wetenschappelijk onderzoek met onder meer röntgenfoto's en pigmentanalyse. Een veelzeggend onderzoeksresultaat zijn de blauwe en groene pigmenten die zijn gevonden in de verf waarmee het lichaam van Jezus is geschilderd: kleuren die Rubens graag gebruikte als hij de witte menselijke huid afbeeldde.

Het bijna naakte lichaam van Jezus op het schilderij steekt helder af tegen donkere onweerswolken. De dreigende lucht vult bijna de hele achtergrond, maar onder aan de voorstelling is nog een deel van Golgota te zien met daarachter de stad Jeruzalem, in de regen. Bijna al het licht valt op Jezus' lichaam. Zijn ogen zijn gesloten, uit een wond in zijn zij gutst bloed en water, zoals in de Bijbel staat vermeld. Die wond bewijst: Jezus is dood.

Rubens schilderde vaak kruisigingen, maar zelden van een dode Christus. Desondanks zijn er andere versies van deze voorstelling overgebleven. Een bekend voorbeeld bevindt zich in de Alte Pinakothek in München. Ook op dat schilderij hangt het lichaam van Jezus zwaar aan zijn kruis, maar komt er geen water uit zijn zijwond. Dat schilderde Rubens maar één keer, aldus Büttner.

Het schilderij werd door veilinghuis Osenat op 30 november 2025 verkocht voor 2,3 miljoen euro aan een anonieme koper.
Peter Paul Rubens (1577-1640)
Kruisiging (1613)
Olieverf op paneel, 106 × 73 cm
Particuliere collectie
2016 Paul Verheijen / Nijmegen