Meer vrouwen dan mannenIn de religieuze betekenis zijn de stigmata (Griekse meervoud voor merk of brandmerk) rode plekken, zweren of al dan niet bloedende wonden die optreden bij christelijke gelovigen en wel op die plekken van het lichaam waar in de iconografie verwondingen werden toegebracht aan het lichaam van Jezus voor en tijdens zijn kruisiging. Het ontvangen van de stigmata wordt stigmatisatie genoemd. Soms wordt in plaats van het woord stigmata ook de term 'kruiswonden' of 'de wond(er)tekenen Gods' gebruikt.Een eerste golf van dit verschijnsel vond plaats in de 13/14e eeuw, een tweede golf in de 19/20e eeuw. De katholieke revival (of emancipatie) in Europa zorgde voor een waar 'Mariaal tijdperk' met veel verschijningen en stigmatisaties -ook in de Lage landen. De biechtvader of geestelijk leidsman speelde vaak een belangrijke rol in de cultus-verspreiding, sommigen waren tevens hagiograaf. Lang niet alle stigmatadragers werden als zodanig erkend door de Kerk. Van 41 mannen en 280 vrouwen wordt beweerd dat zij gestigmatiseerd waren. Selectie mannen:
Bij hen is veelal sprake van een elke vrijdagmiddag terugkerend fenomeen van het lichamelijk en geestelijk mee doormaken van het lijden van Christus, korte tijd waarna de wonden zich weer oppervlakkig sluiten. Jezus had zijn lijdensuren namelijk ook op een vrijdagmiddag. De plaats en aard van de stigmata verwijzen naar de bloedingen uit de handen en voeten van Jezus toen hij aan het kruis werd genageld. Volgens sommigen kan dit echter geen verband hebben met de kruisiging omdat de handen anatomisch niet geschikt zijn om bij een kruisiging het lichaamsgewicht te dragen. De iconografisch gangbare afbeelding van de kruisiging van Jezus stemt overeen met de historische werkelijkheid waarbij touwen werden gebruikt om de armen aan de dwarsbalk vast te binden en spijkers in de polsen werden gedreven om te voorkomen dat een gekruisigde zijn armen uit de touwen kon bevrijden. Er zijn in de geschiedenis gevallen bekend waarbij mensen met stigmata toegaven deze wonden aan zichzelf toegebracht te hebben. Een dergelijke vorm van zelfverminking wordt wel in verband gebracht met een psychiatrische aandoening zoals het syndroom van Münchhausen. Mensen die hier aan lijden pijnigen zichzelf of simuleren een ziekte in de hoop in het ziekenhuis te geraken, waardoor ze worden voorzien van aandacht en zorg. Anderen bootsen de stigmata na in de wetenschap dat sommigen met deze aandoening heilig verklaard zijn. Op die manier pogen ze erkenning te vergaren. Hieronder een selectie van vrouwelijke gestigmatiseerden. Als er geen liturgische feestdag wordt vermeld, zijn de stigmata niet erkend.
|
| 2016 Paul Verheijen / Nijmegen |