Paul Verheijen

ALBERT TERMOTE

Stanislaus Kostka

Jonge heilige

Stanislaus/Stanislas werd in 1550 geboren - in slot Rostkow ten noorden van Warschau - als tweede zoon van Jan Kostka, een rijke en machtige landedelman. Hij werd genoemd naar Stanislaus van Krakau. Hij wilde jezuïet worden, ging studeren in Wenen en stond onder toezicht van zijn een jaar oudere broer Pawel die ook op het Weense college studeerde, maar er een totaal andere levenswijze op na hield. Pawel wist zeker dat hun vader nooit in zou stemmen met Stanislaus' keuze voor de jezuïeten. Stanislaus nam daarop de vlucht, verkleed als bedelaar, en liep naar de jezuïeten in Augsburg, een afstand van zo’n 450 kilometer. Daar kreeg hij te horen, dat hij door moest reizen naar Dillingen, nog eens veertig kilometer. Daar woonde Petrus-Canisius. Deze stuurde Stanislaus met twee jezuïetenstudenten door naar Rome. Dat was nog eens duizend kilometer lopen, maar in elk geval ver genoeg weg van de invloedssfeer van zijn vader. Stanislaus durfde vanuit Rome zelfs een brief te schrijven aan zijn vader waarin hij verklaarde dat hij was gevlucht om de roepstem van God te volgen die hem had gezegd jezuïet te worden.
Franciscus Borgia nam hem in 1567 daar op als novice. Zijn lijfspreuk werd ad maiora natus sum, 'voor het meerdere ben ik geboren'. De legende vertelt dat hij twee keer de heilige hostie ontving uit handen van engelen.
  • Als jonge scholier werd hij in Wenen ernstig ziek. Zijn protestantse hospes, senator Kimberger, weigerde een priester binnen te laten. Stanislaus bad vurig tot Barbara, patrones van een zalige dood. Op een nacht verscheen zij, vergezeld van twee engelen, aan hem en kreeg hij de communie uitgereikt.
  • Bij een poging uit Wenen te ontsnappen aan een achtervolging van zijn broer Pawel, ging hij een kerk binnen die door de protestanten was overgenomen waar hem hetzelfde overkwam.
Stanislaus staat bekend als een groot mysticus. Toen hij leed aan tuberculose werd hij drie keer aangevallen door de duivel in de gedaante van een hond. Hij voorspelde toen hij nog gezond was dat hij zou overlijden op het feest van Maria Tenhemelopneming. Niemand geloofde hem, maar weldra werd hij door koorts overvallen en stierf inderdaad in Rome op 15 augustus 1568 als nog geen 18-jarige. Zijn lichaam rust in de Sant'Andrea al Quirinale aldaar. Hij werd door Benedictus XIII (paus van 1724-1730) heiligverklaard.

Broer Pawel

Niet lang na Stanislaus' overlijden arriveerde Pawel in Rome met de bedoeling zijn jongere broer terug te halen. Het bericht van diens dood schokte hem hevig. Toen ook zijn ouders en een andere broer waren gestorven, trok hij zich terug uit het slot en ging wonen in een klein huis, leefde streng en teruggetrokken en besteedde zijn geld aan naastenliefde. Hij trad ook toe tot de jezuïeten en stierf op 13 november 1607.

De liturgische gedenkdag van Stanislaus was volgens het Roomse Martelaarsboek op zijn sterfdag 15 augustus. Maar omdat dit ook het feest was van Maria Tenhemelopneming, werd dit later verplaatst naar 13 november, de sterfdag dus van zijn broer Pawel. Andere bronnen melden overigens dat 13 november de dag was waarop Stanislaus' lichaam ongeschonden werd teruggevonden toen men het wilde verplaatsen naar een ander graf.

Patroon van studerende jeugd

In 1948 vroegen de katholieken van Delft en het Westland aan de jezuïeten om een college te beginnen voor katholieke jongens. De paters kozen Stanislaus Kostka als patroon. Aan het begin van de jaren zestig droegen ze de Voorburgse beeldhouwer Albert Termote op voor de school een Stanislausbeeld te vervaardigen. Zijn eerste ontwerp toont een wat ouwelijke Stanislaus: gekleed in toog, met boek en een kroon aan zijn voeten. Maar de jezuïeten zagen liever een andere Stanislaus en vroegen Termote Stanislaus af te beelden als een jonge scholier zoals op hun school en als een jongen die op reis is en zo bezield van een hemelverlangen dat hij hier op aarde het best meent te benaderen door zich aan te melden bij jezuïeten.

Als symbolen heeft Stanislaus een staf en over zijn rug een reisnap geslagen. Zijn vormen zijn nog niet geheel uitgewerkt weergegeven, maar eerder grofweg aangeduid. De leerlingen kunnen in hem een jongere herkennen die gaat voor zijn ideaal, bereid heel wat moeilijkheden het hoofd te bieden.
Op de buitenmuur van de school is een reliëfsilhouet van het beeld bevestigd.
Albert Termote (1887-1978)
Stanislaus Kostka (1963)
Bronssculptuur
Delft - Stanislascollege
2016 Paul Verheijen / Nijmegen