Paul Verheijen

JAN VAN EYCK

Timoteüs?

Jongeman met opgerolde tekst
Medewerker van Paulus
Slotgroeten
Gezin van Pudens?
Praxedes en Pudentiana

Jongeman met opgerolde tekst

Op het door Jan van Eyck geschilderde hier afgebeelde kleine portret, zien we een jongeman met een enigszins afwezige uitdrukking in zijn gezicht. Het lijkt in eerste instantie wat vlak, maar bij nadere bestudering zit het toch vol met levensechte details: rimpels op het voorhoofd, plooien boven de oogleden en forse kin. In zijn rechterhand houdt hij een opgerolde tekst vast.
Hij zit achter een vervallen borstwering of balustrade, geschilderd in trompe l'oeil. In het midden staat de Franse inscriptie LEAL SOVVENIR, 'waarachtige herinnering'. We hebben hier dus mogelijk te maken met een memorietafel, een herinneringsportret van een overleden persoon.
Onderaan is het portret in het Latijn gesigneerd en gedateerd: Actu[m] an[n]o d[omi]ni. 1432. 10. die octobris. a. ioh[anne] de Eyck, 'gemaakt op 10 oktober 1432 door Jan van Eyck'.
Het is onzeker wie de man is die hier door Van Eyck wordt uitgebeeld. Geeft de tekst bovenaan de balustrade uitsluitsel?
De Griekse tekst bovenop de stenen balustrade, getranscribeerd als ΤΥΜ.ωΘΕΟς (Tymotheos), is al eeuwenlang een bron van discussie onder kunsthistorici. Er zijn drie hoofdtypes van interpretatie:
  • Persoonsnaam Timoteüs
    • Timoteüs van Milete (±446–357 VGJ), een Griekse musicus en dichter
    • Timotëus van Efeze (gestorven 97), medewerker van Paulus (zie onder)
    • Een tijdgenoot van Van Eyck die als musicus met Timoteüs van Milete wordt vergeleken, zoals Gilles Binchois (±1400-1460) of Guillaume Dufay (1397?-1474).
  • Religieuze of symbolische spreuk
    Sommige wetenschappers lezen de tekst niet als een naam, maar als een Griekse transcriptie van andere woorden: Tum Otheos. Dit kan vertaald worden als 'Toen God' of 'Dan God'. De precieze betekenis hiervan blijft echter onduidelijk. Een andere mogelijke lezing is Tymô Theon, 'Eer God'.
  • Anagram of rebus
    Als je de letters achterstevoren leest en de 'omega' (ω) als een visuele aanwijzing ziet, staat er Sodomyt, 'sodomiet'. Dit zou volgens deze theorie verwijzen naar een veroordeelde tijdgenoot uit Brugge.
  • Lijf- of wapenspreuk
    Het Latijnse Time Deum, 'Vrees God', was het motto van enkele Europese adellijke families. Mogelijk ook een verwijzing (verwarring?) naar het gregoriaanse gezang Te Deum.
Is het opschrift een mysterie dat bewust door Van Eyck is aangebracht als een intellectueel puzzelstukje?

Medewerker van Paulus

Wie hier dan ook geportretteerd wordt: hieronder volgt meer informatie over de bijbelse Timoteüs.
In Lystra ontmoette Paulus een leerling die Timoteüs heette, de zoon van een gelovig geworden Joodse vrouw en een Griekse vader. Timoteüs stond goed aangeschreven bij de gelovigen in Lystra en Ikonium. Paulus nam hem met zich mee op reis, nadat hij hem eerst had laten besnijden ter wille van de Joden (Handelingen van de apostelen 16:1-3). Timoteüs kreeg van Paulus allerlei taken toevertrouwd bij de zorg voor de kleine her en der verspreide christelijke gemeentes in de Griekse wereld. Paulus raakte gesteld op Timoteüs die hij in zijn brieven zijn waarachtige en geliefde kind noemt. Twee brieven aan Timoteüs zijn in de bijbel bewaard gebleven en melden als afzender 'Van Paulus'.

Eusebius van Caesarea meldt in zijn Kerkgeschiedenis uit circa 400, dat Timoteüs na Paulus' dood bisschop van Efeze was. Legendarische, Griekse Akten van Timoteüs, in de 4e eeuw te Efeze vervaardigd, beschrijven zijn optreden aldaar in woord en daad met wonderen en zijn gewelddadige dood onder keizer Domitianus (81-96). In 356 is zijn gebeente uit Efeze naar de Apostelkerk in Constantinopel overgebracht. Johannes van Damascus (eerste helft 8e eeuw) zegt dat Timotheüs met onder meer Dionysios de Areopagiet (Handelingen 17:34) bij de dood van Maria aanwezig zou zijn geweest.

Timoteüs' liturgische feestdag wisselde in de loop der tijd: 22 januari, 26 januari of 27 januari. Het Roomse Martelaarsboek herdenkt hem op 24 januari:
Te Efeze de heilige Timoteüs, een leerling van de zalige apostel Paulus, door wie hij tot bisschop van Efeze gewijd is. Na veel strijden voor Christus is hij daar gestenigd, toen hij hen, die aan Diana offers brachten, berispte en kort daarna is hij in de Heer ontslapen.
Zijn translatie wordt herdacht op 9 mei samen met die van Andreas en Lucas.

Slotgroeten

De tweede brief van Paulus aan Timoteüs eindigt met een groet waarin hij negen personen met naam noemt:
Groet Prisca en Aquila, en de huisgenoten van Onesiforus. Erastus is in Korinte gebleven, Trofimus heb ik ziek in Milete achtergelaten. Probeer voor de winter te komen. Eubulus, Pudens, Linus, Claudia en alle andere broeders en zusters laten je groeten. De Heer zij met je. Genade zij met jullie.
(2 Timoteüs 4:19-22)
Van de eerst genoemde vijf personen is nauwelijks iets bekend en de vier als laatste genoemde personen worden in het Tweede Testament nergens meer genoemd.
Het kon niet uitblijven dat er rond deze figuren legendevorming ontstond en verwarring met andere personen met dezelfde naam. De legendes leverden voldoende stof om de negen door Paulus genoemde personen op de heiligencanon te plaatsen:
  • Prisca en Aquila op 8 juli
    In Klein-Azië de heiligen Aquila en diens echtgenote Priscilla, over wie in Handelingen van de apostelen geschreven wordt.
    Dit echtpaar is volgens 1 Korintiërs 16:19 in Efeze, althans in Asia wat overeenkomt met Handelingen 18:18-19. Ze zijn daar gekomen nadat zij uit Rome waren verjaagd (Handelingen 18:2-26 waar de vrouw Priscilla wordt genoemd), maar volgens Romeinen 16:3 zijn ze weer in Rome.

  • Onesiforus op 6 september
    Aan de Hellespont de heilige Onesiforus, een leerling van de apostelen, van wie de heilige Paulus in zijn brief aan Timoteüs melding maakt. Hij werd aldaar tegelijk met de heilige Porphyrius op bevel van de stadhouder Hadrianus hevig gegeseld, door wilde paarden voortgesleept en gaf daarbij de geest aan God weer.
    Hij kan vanwege Handelingen 19:22 in Efeze geplaatst worden.

  • Erastus op 26 juli
    Te Filippi in Macedonië de geboorte van de heilige Erastus, die aldaar door de zalige apostel Paulus tot bisschop was achtergelaten en er de kroon der martelaren verwierf.
    Volgens Handelingen 19:22 is hij met Timoteüs door Paulus vooruitgezonden naar Macedonië en hij wordt ook in Romeinen 16:23 genoemd.

  • Trofimus op 29 december
    Te Arles in Frankrijk de geboorte van de heilige Trofimus, van wie de heilige Paulus in zijn brief aan Timoteüs melding maakt. Deze Trofimus was door genoemde apostel bisschop gewijd en het eerst naar die stad gezonden om er het evangelie van Christus te verkondigen. Uit de bron van zijn prediking (zo schrijft de heilige paus Zosimus) kwamen over geheel Gallië stromen van geloof.
    Deze reisgezel van Paulus (Handelingen 21:29) wordt in Jeruzalem in diens gezelschap gesignaleerd (Handelingen 21:29).

  • Eubulus op 7 maart
    Te Caesarea in Palestina het martelaarschap van de heilige Eubulus. Hij was een gezel van de heilige Adrianus en is twee dagen na hem door de leeuwen verscheurd en met het zwaard adfgemaakt. Hij was de laatste, die in genoemde stad de martelaarskroon ontving.
    Adrianus stierf onder keizer Diocletianus. Eubulus kan dus niet dezelfde zijn die Paulus noemt.

  • Pudens op 19 mei
    Aldaar ook de heilige senator Pudens, de vader van de voormelde heilige Pudentiana en de heilige maagd Praxedes. Door de apostelen werd hij in het doopsel met Christus bekleed en hij bewaarde het kleed der onschuld onbesmeurd, totdat hij de kroon des levens ontving.
  • Linus op 23 september
    Te Rome de heilige paus Linus, martelaar. Hij was de eerste, die na de zalige apostel Petrus de kerk van Rome bestuurde, werd als martelaar gekroond en is op de Vaticaanse heuvel nabij genoemde apostel begraven.
  • Claudia op 7 augustus
    Het Roomse Martelaarsboek vermeldt haar niet.

Gezin van Pudens?

Op een of andere wijze werden met deze groep die Paulus groet in verschillende legendes nog vijf andere personen in verband gebracht. Het bij elkaar harken van verschillende heiligen binnen één verband als gevolg van karige dan wel ontbrekende gegevens of van naamsverwisseling, maakt deze groep heiligen tamelijk onoverzichtelijk. Pudens, Linus en Claudia werden in bepaalde legenden als gezin bij elkaar gezet en soms ook nog eens aangevuld met andere min of meer legendarische heilige gezinsleden. Dat leverde deze volledig gefingeerde stamboom op.

Hieronder een overzicht uit het Roomse Martelaarsboek van de vijf 'toegevoegde' heiligen.
  • Priscilla op 16 januari
    Te Rome de heilige Priscilla, die zich zelve met al haar goederen aan de dienst van de martelaren wijdde.
    Priscilla was volgens de traditie de gastvrouw van Petrus die in Rome zijn hoofdkwartier had vlakbij de catacomben aan de Via Salaria Nuova die haar naam dragen. Onder de grond van haar bezittingen werd de oudste christelijke begraafplaats van Rome aangelegd. Is hier sprake van een vermenging met Prisca (zie boven)?

  • Pudentiana op 19 mei
    Te Rome de heilige maagd Pudentiana. Na veel strijd gestreden, vele martelaren eervol begraven en al haar goederen ter liefde van Christus onder de armen verdeeld te hebben, is zij ten laatste van de aarde ten hemel opgegaan.
  • Novatus op 20 juni
    Te Rome het overlijden van de heilige Novatus, een zoon van de zalige senator Pudens en een broeder van de heilige priester Timoteüs en van de heilige christen-maagden Pudentiana en Praxedes. Zij waren door de apostelen in het geloof onderwezen. Hun huis werd ingericht tot kerk en kreeg de naam 'Pastor'.
  • Praxedes op 21 juli
    Te Rome de heilige maagd Praxedes. Wel onderricht in alles wat de zuiverheid en de wet van God betreft, oefende zij zich voortdurend in nachtwaken, vasten en bidden en ontsliep in Christus. Zij is begraven aan de Via Salaria naast haar zuster Pudentiana.
  • Timoteüs op 22 augustus
    Te Rome aan de weg naar Ostia de geboorte van de heilige martelaar Timoteüs. Hij werd door de stadsprefect Tarquinius aangehouden, door langdurige kerkerstraf uitgemergeld en daar hij niet wilde offeren aan de afgoden, werd hij tot driemaal toe gegeseld, met de hevigste folteringen gepijnigd en ten laatste onthoofd.

Praxedes en Pudentiana

Jacobus de Voragine besteedt in zijn Legenda Aurea in het korte hoofdstuk 91 van slechts vijf paragrafen aandacht aan Praxedes.
Praxedis betekent groen, van 'praxim', groen; vandaar Praxedis, omdat zij groende en bloeide met de bloem van haar maagdelijkheid. De maagd Praxedis was een zuster van de heilige Potentiana. Zij waren zusters van de heilige Novatus en Timoteüs, die door de apostelen in het geloof werden onderricht. Toen de vervolging woedde, begroeven de gezusters de lichamen van vele christenen, deelden hun eigen vermogen uit onder de armen en ontsliepen ten slotte in vrede omstreeks het jaar des Heren 165 onder Marcus Aurelius en Lucius Verus.
Historische gegevens over Praxedes, Potentiana, Novatus en Timoteüs ontbreken en pas in de 7e eeuw duikt er een bericht op dat in de catacombe van Priscilla de twee zussen Praxedes en Potentiana (dezelfde als Pudentiana?) worden vereerd. Hun namen verschenen in Acta, 'Handelingen’, die echter een zeer groot legende-karakter vertonen. Volgens deze Acta erfde Potentiana de thermen van Novatus en zou ze er een kerk van hebben laten maken. Andere legendes noemen Praxedes de dochter van Claudia en van Bretonse komaf en melden dat zij veel deed voor martelaren, (ook?) in de tijd van de vervolgingen door Antoninus, voorganger van Marcus Aurelius. Sommigen verborg zij in haar huis, anderen wekte zij op tot heldhaftige belijdenis, weer anderen begroef zij en gevangenen bracht zij noodzakelijk voedsel en kleding. Toen zij de gruwelijke onderdrukking van de christenen niet langer kon aanzien, smeekte zij God haar uit dit dal van ellende weg te nemen. Haar gebed werd verhoord en ze zou zijn bijgezet in de catacomben van Priscilla.
In Rome hebben beide zussen een eigen kerk op hun naam gekregen:
Jan van Eyck (ca 1390-1441)
Leal Souvenir / Portret van een jongeman / Timoteüs (1432)
Olieverf op paneel, 33 x 19 cm
Londen - National Gallery
2016 Paul Verheijen / Nijmegen